Merendeel chronisch zieken vindt geboden zorg goed maar niet persoonsgericht genoeg

Bron: NIVEL

Chronisch zieke op onderzoekstafel arts

Meer dan de helft van de mensen met een chronische ziekte vindt dat er onvoldoende met hen besproken wordt wat zij belangrijk vinden in hun zorg en hun gezondheid. Wel voelen zij zich betrokken bij het nemen van beslissingen over hun behandeling samen met hun zorgverlener. Dit blijkt uit de Zorgmonitor van het Nivel, waarin de zorgsituatie van mensen met een chronische ziekte in Nederland wordt gevolgd.


In het huidige overheidsbeleid is er steeds meer aandacht voor een integrale en persoonsgerichte aanpak: niet de ziekte maar de persoon met diens zorgbehoefte, wensen en mogelijkheden is daarbij uitgangspunt. In het algemeen beoordelen mensen met een chronische ziekte de zorg die zij krijgen als onvoldoende persoonsgericht: niet zij als persoon maar hun ziekte staat centraal. Over andere aspecten van persoonsgerichte zorg zijn ze positiever. Zo voelt ruim drie kwart zich betrokken bij beslissingen over hun zorg. Meer dan de helft van de ondervraagden zegt de keuzes over behandeling gezamenlijk met de zorgverleners te maken.


Deel chronisch zieken kan niet de eigen regie voeren over zorg

Uit de Zorgmonitor blijkt ook dat de groep mensen die als gevolg van hun chronische ziekte ook een lichamelijke beperking hebben én degenen met een laag opleidingsniveau minder goed in staat zijn om een regierol in hun zorg te vervullen. Ook heeft circa één derde van de mensen met een chronische ziekte hier niet de benodigde motivatie, kennis en vaardigheden voor. Bij het bepalen van de rol die de patiënt zelf kan vervullen in zijn zorg, dient er daarom goed te worden gekeken naar de individuele patiënt en diens vaardigheden en wensen.

Kwart chronisch zieken kan niet terugvallen op het eigen netwerk

De Zorgmonitor laat zien dat het voor een kwart van de mensen met een chronische ziekte niet vanzelfsprekend is dat zij hulp krijgen uit hun sociale netwerk. Het is belangrijk om dit goed in het oog te houden bij het inrichten van de zorg voor de patiënt. Ook zorgprofessionals kunnen extra hulp en ondersteuning bieden. Met de hervorming in de langdurige zorg stimuleert de overheid deze soorten van zorg en ondersteuning.

De Zorgmonitor van het Nivel

Al meer dan twintig jaar monitort het Nivel de zorgsituatie van mensen met een chronische ziekte in Nederland. In de Zorgmonitor 2019 brengen we de ervaringen van deze mensen met de zorg in kaart, evenals de ontwikkelingen in deze zorg, in de periode 2005 tot en met 2018. Het perspectief van mensen met een chronische ziekte zelf staat hierbij centraal. Het Nivel heeft dan ook een longitudinaal vragenlijstonderzoek gedaan onder leden van het Nationaal Panel Chronisch zieken en Gehandicapten (NPCG) van het Nivel, een landelijk representatief panel van mensen met een chronische ziekte en/of lichamelijke beperking.

bron: https://bit.ly/34p7hPf

Minister Bruins op werkbezoek bij pilot “Sporthulpmiddelen beter beschikbaar en bereikbaar’

De vraag ‘waarom het zo lastig is om sporters met een beperking te voorzien van een passend sporthulpmiddel?’ heeft geleid tot een brede verkenning naar de grootte van dit probleem in combinatie met de vraag welke verbeteringen er mogelijk te realiseren zijn door alle betrokken partners.

Minister Bruins

Sporters met een handicap trekken al jaren aan de bel dat zij niet optimaal kunnen deelnemen aan hun sport, omdat ze niet of niet tijdig een sporthulpmiddel kunnen krijgen via de gemeente. Ook speelt de prijs en de kwaliteit van bijvoorbeeld sportrolstoelen, protheses en handbikes een rol in de discussie. Minister Bruno Bruins voor Sport heeft op 14 november bij een bezoek aan het pilotproject ‘Sporthulpmiddelen beter beschikbaar en bereikbaar’ in Den Haag een aanbeveling in de vorm van een concepthandreiking ontvangen hoe het beter en sneller kan. “De problematiek is complex, maar ik ben blij met de insteek van het project om de mogelijkheden duidelijk, inzichtelijk en behapbaar te maken,” aldus minister Bruno Bruins die tijdens het bezoek ook een rolstoelergometer testte.
De vraag ‘waarom het zo lastig is om sporters met een beperking te voorzien van een passend sporthulpmiddel?’ heeft geleid tot een brede verkenning naar de grootte van dit probleem in combinatie met de vraag welke verbeteringen er mogelijk te realiseren zijn door alle betrokken partners. Deze verkenning wordt gedaan binnen het project ‘Sporthulpmiddelen beter beschikbaar en bereikbaar’ met als doel dat deze middelen beter beschikbaar en bereikbaar zijn met een goede prijs/kwaliteit verhouding.
Bij professionals is veel onduidelijkheid en onwetendheid over bijvoorbeeld wat de vraag van sporters met een beperking precies is, om welke hulpmiddelen het kan gaan, bij wie de sporters een aanvraag kunnen doen en hoe de financiering geregeld is (zorgverzekeraar, Wmo, anders)?
In vier thema’s werken een aantal trekkers samen met een aantal werkgroepen (doelgroep, leveranciers, gemeenten, koepelorganisaties zoals NOC*NSF, VNG/VSG, fondsen, etc.) het plan van aanpak verder uit. De thema’s en trekkers hiervan zijn:
• Samenwerking in de keten & financiering – Special Heroes Nederland
• Onderzoek & kennis – Kenniscentrum Sport
• Doelmatigheid & efficiency – Esther Vergeer Foundation
• Marktontwikkeling & innovatie – Vereniging Gehandicaptensport Nederland
Samen met de werkgroepen hebben deze trekkers als eerste stap gewerkt aan de concepthandreiking die vandaag dus aan minister Bruno Bruins is overhandigd en die de komende periode in een aantal pilots wordt getoetst. De concepthandreiking is bedoeld voor professionals van bijvoorbeeld Wmo, zorgverzekeraars, wijkteams, etc. De pilot in Den Haag haakt aan bij de start van een mobilitheek (uitleenservice voor sporthulpmiddelen) begin 2020 op de sportcampus.
Meer informatie
Voor informatie over het project ‘Sporthulpmiddelen beter beschikbaar en bereikbaar’ kunt u contact opnemen met Erna Mannen, Special Heroes Nederland via emannen@specialheroes.nl of 06 4300 4706.

Bron: Gehandicaptensport Nederland 14 november 2019